Presentaties bij deze workshop De pagina's....Aanbevelingen.....en....Verslag....bij deze workshop worden tijdens / na de werkconferentie gevuld. Voorzitter: drs. T. (Tineke) van der Schoor, Kenniscentrum gebiedsontwikkeling, Hanzehogeschool Groningen Verslaglegging: Heleen Bosker, student Facilitymanagement, Hanzehogeschool Groningen
Toelichting op de workshop:
Duurzaam bouwen is bouwen met respect voor mens en milieu. Doelstellingen als energiebesparing en het voorkomen van uitputting van grondstoffen staan voorop in het ontwerp van een gebouw, de voorzieningen en de keuze van materialen. Minstens zo belangrijk zijn de leefbaarheid van het gebouw en het welbevinden van de gebruikers. Dit vraagt aandacht en overleg in constructie, klimaatbeheersing en inrichting.
Wat zijn de gewijzigde inzichten in duurzaam bouwen door de jaren heen? Wat zegt dat over de gebouwen op de Campus? Zijn er verbeteringen in de bestaande gebouwen mogelijk? Er staan nog veel bouwplannen op stapel. Kunnen die duurzamer? Welke aanbevelingen hebben de sprekers voor de bestaande en toekomstige gebouwen?
Sprekers:
1. Dhr. R. (Roland) Dijkhuizen, student bouwkunde, Hanzehogeschool Groningen Titel inleiding: Toepassing van daglichtsystemen in schoolgebouwen.
2. Mevr. Drs. H. (Hanneke ) van Brakel, directeur stichting Scholen Bouwmeester Noord Nederland Titel inleiding: Hoe kunnen we ‘gezonde en goede’ schoolgebouwen ook werkelijk mogelijk maken? Toelichting:
De laatste paar jaar worden er vanuit al de betrokken disciplines ideeën aangereikt hoe we er voor kunnen zorgen dat de praktijk van de scholenbouw ook werkelijk gaat leiden tot betere en gezondere gebouwen. De budgetten moeten anders, we moeten naar ketenintegratie, we moeten werken met WKO’s enz. Toch zijn de werkelijk behaalde resultaten nog kunnen zorgen dat de praktijk van de scholenbouw ook werkelijk gaat leiden tot betere en gezondere gebouwen. De budgetten moeten anders, we moeten naar ketenintegratie, we moeten werken met WKO’s enz. Toch zijn de werkelijk behaalde resultaten steeds bedroevend. Een belangrijke oorzaak daarvoor is dat er te vaak wordt gekeken naar optimalisatie vanuit één optiek en dat leidt onherroepelijk tot gebrek aan synergie en tunnelvisie. vanuit één optiek en dat leidt onherroepelijk tot gebrek aan synergie en tunnelvisie.
Het vraagstuk van gezonde en goede schoolgebouwen is geen wiskundige vergelijking die je op kunt lossen door het te splitsen in deelvergelijkingen die dan ieder voor zich uitgewerkt kunnen worden. Het vraagt om een integrale en multidisciplinaire kijk waarbij de rollen van alle spelers in het spel opnieuw worden gedefinieerd zodat zij elk precies dát kunnen bijdragen waar zij nu juist het sterkste in zijn. Dit geldt voor de geldschieter, de opdrachtgever, de gebruiker, de ontwerper, de bouwer én de beheerder. Want als we duurzaamheid benaderen vanuit een deelaspect lopen we grote kans dat het eindresultaat maatschappelijk gezien erger is dan waar we mee begonnen.
3. Dhr. W.H. (Willem Hein) Schenk ,directeur architectenbureau De Zwarte Hond Titel inleiding: Bouwen op de campus: hoe past onderwijshuisvesting in de duurzame stedelijke ambitie?
Toelichting:
Faciliteren de huidige gebouwen op een duurzame manier de ontwikkelingen in het onderwijs van de toekomst?
De techniek om een duurzaam gebouw te maken is voorhanden.
De processen om tot een resultaat te komen zijn veelal stroperig.
Maar weten we wel wat we nodig hebben in de toekomst. Hoe ziet de huisvesting voor duurzaam onderwijs eruit?
De pagina's.... Aanbevelingen .....en ....Verslag ....bij deze workshop worden tijdens / na de werkconferentie gevuld.
Voorzitter: drs. T. (Tineke) van der Schoor, Kenniscentrum gebiedsontwikkeling, Hanzehogeschool Groningen
Verslaglegging: Heleen Bosker, student Facilitymanagement, Hanzehogeschool Groningen
Toelichting op de workshop:
Duurzaam bouwen is bouwen met respect voor mens en milieu. Doelstellingen als energiebesparing en het voorkomen van uitputting van grondstoffen staan voorop in het ontwerp van een gebouw, de voorzieningen en de keuze van materialen. Minstens zo belangrijk zijn de leefbaarheid van het gebouw en het welbevinden van de gebruikers. Dit vraagt aandacht en overleg in constructie, klimaatbeheersing en inrichting.
Wat zijn de gewijzigde inzichten in duurzaam bouwen door de jaren heen? Wat zegt dat over de gebouwen op de Campus? Zijn er verbeteringen in de bestaande gebouwen mogelijk? Er staan nog veel bouwplannen op stapel. Kunnen die duurzamer? Welke aanbevelingen hebben de sprekers voor de bestaande en toekomstige gebouwen?
Sprekers:
1. Dhr. R. (Roland) Dijkhuizen, student bouwkunde, Hanzehogeschool Groningen
Titel inleiding: Toepassing van daglichtsystemen in schoolgebouwen.
2. Mevr. Drs. H. (Hanneke ) van Brakel, directeur stichting Scholen Bouwmeester Noord Nederland
Titel inleiding: Hoe kunnen we ‘gezonde en goede’ schoolgebouwen ook werkelijk mogelijk maken?
Toelichting:
De laatste paar jaar worden er vanuit al de betrokken disciplines ideeën aangereikt hoe we er voor kunnen zorgen dat de praktijk van de scholenbouw ook werkelijk gaat leiden tot betere en gezondere gebouwen. De budgetten moeten anders, we moeten naar ketenintegratie, we moeten werken met WKO’s enz. Toch zijn de werkelijk behaalde resultaten nog kunnen zorgen dat de praktijk van de scholenbouw ook werkelijk gaat leiden tot betere en gezondere gebouwen. De budgetten moeten anders, we moeten naar ketenintegratie, we moeten werken met WKO’s enz. Toch zijn de werkelijk behaalde resultaten steeds bedroevend. Een belangrijke oorzaak daarvoor is dat er te vaak wordt gekeken naar optimalisatie vanuit één optiek en dat leidt onherroepelijk tot gebrek aan synergie en tunnelvisie. vanuit één optiek en dat leidt onherroepelijk tot gebrek aan synergie en tunnelvisie.
Het vraagstuk van gezonde en goede schoolgebouwen is geen wiskundige vergelijking die je op kunt lossen door het te splitsen in deelvergelijkingen die dan ieder voor zich uitgewerkt kunnen worden. Het vraagt om een integrale en multidisciplinaire kijk waarbij de rollen van alle spelers in het spel opnieuw worden gedefinieerd zodat zij elk precies dát kunnen bijdragen waar zij nu juist het sterkste in zijn. Dit geldt voor de geldschieter, de opdrachtgever, de gebruiker, de ontwerper, de bouwer én de beheerder. Want als we duurzaamheid benaderen vanuit een deelaspect lopen we grote kans dat het eindresultaat maatschappelijk gezien erger is dan waar we mee begonnen.
3. Dhr. W.H. (Willem Hein) Schenk ,directeur architectenbureau De Zwarte Hond
Titel inleiding: Bouwen op de campus: hoe past onderwijshuisvesting in de duurzame stedelijke ambitie?
Toelichting:
Faciliteren de huidige gebouwen op een duurzame manier de ontwikkelingen in het onderwijs van de toekomst?
De techniek om een duurzaam gebouw te maken is voorhanden.
De processen om tot een resultaat te komen zijn veelal stroperig.
Maar weten we wel wat we nodig hebben in de toekomst. Hoe ziet de huisvesting voor duurzaam onderwijs eruit?